LET'S WORK TOGETHER

Algemene voorwaarden

Algemene Voorwaarden van Trabajob International voor het ter beschikking stellen van uitzendkrachten per 1 Juni 2013.

 

Artikel 1 | Werkingssfeer

1. Deze Algemene Voorwaarden zijn van toepassing op alle aanbiedingen, opdrachten en overige overeenkomsten van de uitzendonderneming voor zover één en ander betrekking heeft op het ter beschikking stellen van uitzendkrachten aan opdrachtgevers.

2. Eventuele inkoop- of andere voorwaarden van de opdrachtgever zijn niet van toepassing.

3. Van deze Algemene Voorwaarden afwijkende afspraken zijn slechts van toepassing indien schriftelijk overeengekomen.

Artikel 2 | Definities

In deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder:

1. Uitzendonderneming: de in Nederland gevestigde uitzendonderneming die op basis van een overeenkomst uitzendkrachten ter beschikking stelt aan opdrachtgevers.,

2. Uitzendkracht: iedere natuurlijke persoon, die een uitzendovereenkomst als bedoeld in artikel 7:690 BW is aangegaan met de uitzendonderneming teneinde arbeid te verrichten voor een derde onder leiding en toezicht van die derde.

3. Opdrachtgever: iedere natuurlijke of rechtspersoon die een uitzendkracht werkzaamheden onder diensleiding en toezicht in het kader van een opdracht als bedoeld in lid 4 van dit artikel laat uitvoeren.

4. Opdracht: de overeenkomst tussen een opdrachtgever en de uitzendonderneming op grond waarvan een enkele uitzendkracht, als bedoeld in lid 2 van dit artikel, door de uitzendonderneming aan de opdrachtgever ter beschikking wordt gesteld om onder diensleiding en toezicht werkzaamheden te verrichten, zulkstegen betaling van het opdrachtgevertarief.

5. Terbeschikkingstelling: de tewerkstelling van een uitzendkracht in het kader van een opdracht.

6. Uitzendbeding: de schriftelijke bepaling in de arbeidsovereenkomst tussen de uitzendonderneming en de uitzendkracht en/ of in de CAO, inhoudend dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt doordat de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht door de uitzendonderneming aan de opdrachtgever op verzoek van de opdrachtgever ten einde komt (artikel 7:691 lid 2 BW).

7. CAO: de collectieve arbeidsovereenkomst voor Uitzendkrachten, gesloten tussen de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU) enerzijds en FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond en De Unie anderzijds.

8. Opdrachtgevertarief: Het door de opdrachtgever aan de uitzendonderneming verschuldigde tarief, exclusief toeslagen, kostenvergoedingen en BTW. Het tarief wordt per uur gerekend, tenzij anders vermeld.

9. Inlenersbeloning: de rechtens geldende beloning van een werknemer in dienst van de opdrachtgever, werkzaam in een functie die gelijk of gelijkwaardig is aan de functie die de uitzendkracht uitoefent. De inlenersbeloning bestaat volgens de CAO uit de navolgende elementen:

a. Het geldende periodeloon in de schaal

b. De van toepassing zijnde arbeidsduurverkorting (naar keuze van de uitzendonderneming te compenseren in tijd of geld)

c. Toeslagen voor overwerk, verschoven uren, onregelmatigheid (waaronder feestdagentoeslag) en ploegentoeslagen

d. Initiële loonsverhogingen, hoogte en tijdstip als bij de opdrachtgever bepaald

e. Kostenvergoedingen (voor zover de uitzendonderneming deze vrij van loonheffing en premies kan uitbetalen)

f. Periodieken, hoogte en tijdstip als bij de opdrachtgever bepaald.

10. Vakkrachtenregeling: De specifieke bepaling(en) in de bij de opdrachtgever geldende CAO, die betrekking hebben op de beloning (als bedoeld in lid 9) van vakkrachten en die schriftelijk zijn aangemeld bij en goedgekeurd door partijen bij de (ABU) CAO voor Uitzendkrachten en dientengevolge toegepast moet(en) worden met ingang van de eerste dag van de verblijfsduur van de uitzendkracht bij de betreffende opdrachtgever.

Artikel 3 | De opdracht en de terbeschikkingstelling

Opdracht

1. De opdracht wordt aangegaan voor bepaalde of onbepaalde tijd.

2. De opdracht voor bepaalde tijd is de opdracht die wordt aangegaan:

óf voor een vaste periode;

óf voor een bepaalbare periode;

óf voor een bepaalbare periode die een vaste periode niet overschrijdt.

De opdracht voor bepaalde tijd eindigt van rechtswege door het verstrijken van

de overeengekomen tijd of doordat een vooraf vastgestelde objectief bepaalbare

gebeurtenis zich voordoet.

Einde opdracht

3. Opzegging van een opdracht voor onbepaalde tijd dientschriftelijk te geschieden

met inachtneming van een opzegtermijn van 15 kalenderdagen.

4. Tussentijdse opzegging van de opdracht voor bepaalde tijd is niet mogelijk, tenzij

schriftelijk andersis overeengekomen. Indien tussentijdse opzegging is overeengekomen, is opzegging mogelijk met een opzegtermijn van 15 kalenderdagen.

De opzegging dientschriftelijk te geschieden.

5. Elke opdracht eindigt onverwijld wegens ontbinding op het tijdstip dat één van#

beide partijen de ontbinding van de opdracht inroept omdat:

de andere partij in verzuim is;

de andere partij geliquideerd is;

de andere partij in staat van faillissement is verklaard ofsurséance van betaling

heeft aangevraagd.

Indien de uitzendonderneming de ontbinding op één van deze gronden inroept,

ligt in de gedraging van de opdrachtgever, waarop de ontbinding is gebaseerd, het

verzoek van de opdrachtgever besloten om de terbeschikkingstelling te beëindigen.

Dit leidt niet tot enige aansprakelijkheid van de uitzendonderneming voor de

schade die de opdrachtgever dientengevolge leidt. Ten gevolge van de ontbinding

zullen de vorderingen van de uitzendonderneming onmiddellijk opeisbaar zijn.

Einde terbeschikkingstelling

6. Het einde van de opdracht betekent het einde van de terbeschikkingstelling.

Beëindiging van de opdracht door de opdrachtgever houdt in het verzoek van de

opdrachtgever aan de uitzendonderneming om de lopende terbeschikkingstelling(en)

te beëindigen tegen de datum waarop de opdracht rechtsgeldig is geëindigd,

respectievelijk waartegen de opdracht rechtsgeldig is ontbonden.

7. Indien tussen de uitzendkracht en de uitzendonderneming het uitzendbeding

geldt, eindigt de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht op verzoek van de

opdrachtgever op het moment dat de uitzendkracht meldt dat hij niet in staat is

de arbeid te verrichten wegens arbeidsongeschiktheid. Voor zover nodig wordt

de opdrachtgever geacht dit verzoek te hebben gedaan. De opdrachtgever zal dit

verzoek desgevraagd schriftelijk aan de uitzendonderneming bevestigen.

8. De terbeschikkingstelling eindigt van rechtswege indien en zodra de

uitzendonderneming de uitzendkracht niet meer ter beschikking kan stellen,

doordat de arbeidsovereenkomst tussen de uitzendonderneming en de uitzendkracht is geëindigd en deze arbeidsovereenkomst niet aansluitend wordt voortgezet

ten behoeve van dezelfde opdrachtgever. De uitzendonderneming schiet in dit

geval niet toerekenbaar tekort jegens de opdrachtgever en is evenmin aansprakelijk

voor eventuele schade die de opdrachtgever hierdoor lijdt.

Artikel 4 | Vervanging en beschikbaarheid

1. De uitzendonderneming is gerechtigd om gedurende de looptijd van de opdracht

een vervangende uitzendkracht aan te bieden. De opdrachtgever kan een dergelijk

voorstel op redelijke gronden afwijzen.

2. De uitzendonderneming iste allen tijde gerechtigd aan de opdrachtgever een

voorstel te doen tot vervanging van een ter beschikking gestelde uitzendkracht door

een andere uitzendkracht onder voortzetting van de opdracht, zulks met het oog#

op het bedrijfsbeleid of personeelsbeleid van de uitzendonderneming, behoud van

werkgelegenheid of naleving van geldende wet- en regelgeving, in het bijzonder de

ontslagrichtlijn voor de uitzendbranche. De opdrachtgever zal een dergelijk voorstel

slechts op redelijke gronden afwijzen. De opdrachtgever zal een eventuele afwijzing

desgevraagd schriftelijk motiveren.

3. De uitzendonderneming schiet niet toerekenbaar tekort jegens de opdrachtgever en

is niet gehouden tot vergoeding van enige schade of kosten aan de opdrachtgever,

indien de uitzendonderneming om welke reden dan ook een (vervangende)

uitzendkracht niet (meer), althans niet (meer) op de wijze en in de omvang als bij

de opdracht of nadien overeengekomen aan de opdrachtgever ter beschikking kan

stellen.

Artikel 5 | Het aangaan van een arbeidsverhouding met een uitzendkracht

1. Voor het bepaalde in dit artikel wordt onder het aangaan van een arbeidsverhouding met een uitzendkracht verstaan:

het aangaan van een arbeidsovereenkomst, een overeenkomst tot aanneming

van werk en/of een overeenkomst van opdracht door de opdrachtgever met de

uitzendkracht;

het laten ter beschikking stellen van de betreffende uitzendkracht aan de

opdrachtgever door een derde (bijvoorbeeld een andere uitzendonderneming)

het aangaan van een arbeidsverhouding door de uitzendkracht met een

derde, waarbij de opdrachtgever en die derde in een groep zijn verbonden (als

bedoeld in artikel 2:24b BW) dan wel de één een dochtermaatschappij is van

de ander (als bedoeld in artikel 2:24a BW)

2. Voor het bepaalde in dit artikel wordt onder uitzendkracht tevens verstaan:

de aspirant-uitzendkracht die bij de uitzendonderneming isingeschreven;

de (aspirant-)uitzendkracht die is voorgesteld aan de opdrachtgever;

de uitzendkracht wiensterbeschikkingstelling minder dan drie maanden voor

het aangaan van de arbeidsverhouding met de opdrachtgever is beëindigd.

3. De opdrachtgever is uitsluitend gerechtigd een arbeidsverhouding aan te gaan

met een uitzendkracht indien en voor zover wordt voldaan aan het hieronder in dit

artikel bepaalde.

De opdrachtgever brengt de uitzendonderneming schriftelijk op de hoogte van zijn

voornemen met de uitzendkracht een arbeidsverhouding aan te gaan, alvorens aan

dat voornemen uitvoering te geven.

4. De opdrachtgever zal geen arbeidsverhouding met de uitzendkracht aangaan

indien en voor zover de uitzendkracht de arbeidsovereenkomst met de

uitzendonderneming niet rechtsgeldig kan doen eindigen of beëindigd heeft, en#

indien en voor zover de opdrachtgever de opdracht met de uitzendonderneming

niet rechtsgeldig kan doen eindigen of beëindigd heeft.

5. Indien de opdrachtgever overeenkomstig het hiervoorin lid 3 t/m 5 bepaalde binnen

een termijn van zes maanden na aanvang van de terbeschikkingstelling een arbeidsverhouding met de uitzendkracht aangaat voor dezelfde of een andere functie, is de

opdrachtgever aan de uitzendonderneming de volgende vergoeding verschuldigd:

indien de arbeidsverhouding met de uitzendkracht aanvangt vóórdat de

terbeschikkingstelling tien gewerkte weken heeft geduurd: een vergoeding

ten bedrage van 20% van het laatstelijk geldende opdrachtgevertarief voor de

betrokken uitzendkracht over een periode van zes maanden;

indien de arbeidsverhouding met de uitzendkracht aanvangt nadat de

terbeschikkingstelling tien gewerkte weken heeft geduurd maar vóórdat

de terbeschikkingstelling negentien gewerkte weken heeft geduurd:

een vergoeding ten bedrage van 15% van het laatstelijk geldende

opdrachtgevertarief voor de betrokken uitzendkracht over een periode van

zes maanden;

indien de arbeidsverhouding met de uitzendkracht aanvangt nadat de terbeschikkingstelling negentien gewerkte weken heeft geduurd maar vóórdat

de terbeschikkingstelling zevenentwintig gewerkte weken heeft geduurd: een

vergoeding ten bedrage van 10% van het laatstelijk geldende opdrachtgevertarief voor de betrokken uitzendkracht over een periode van zes maanden;

Onder “gewerkte weken” wordt in dit artikel verstaan: weken waarin de uitzendkracht bij de opdrachtgever werkzaam is geweest in het kader van de opdracht.

De opdrachtgever is de bij dit lid genoemde vergoeding ook verschuldigd indien

de uitzendkracht binnen drie maanden nadat de terbeschikkingstelling aan de

opdrachtgever is geëindigd, rechtstreeks of via derden bij de opdrachtgever

solliciteert, of indien de opdrachtgever de uitzendkracht binnen drie maanden

nadat de terbeschikkingstelling aan de opdrachtgever is geëindigd rechtstreeks

of via derden benadert, en de opdrachtgever naar aanleiding daarvan met de

betreffende uitzendkracht een arbeidsverhouding aangaat.

6. Indien een uitzendkracht door tussenkomst van de uitzendonderneming aan een

mogelijke opdrachtgever is voorgesteld en deze mogelijke opdrachtgever met die

uitzendkracht een arbeidsverhouding aangaat voor dezelfde of een andere functie

voordat de terbeschikkingstelling totstand komt, is deze mogelijke opdrachtgever

een vergoeding verschuldigd van 20% van het opdrachtgevertarief, dat voor de

betrokken uitzendkracht van toepassing zou zijn geweest over een periode van zes

maanden, indien de terbeschikkingstelling totstand zou zijn gekomen.

De opdrachtgever is deze vergoeding altijd verschuldigd indien de opdrachtgever

in eerste instantie door tussenkomst van de uitzendonderneming in contact

is gekomen met de uitzendkracht. Ook indien de uitzendkracht binnen drie#

maanden nadat het contact totstand is gekomen rechtstreeks of via derden bij

de opdrachtgeversolliciteert of indien de opdrachtgever de uitzendkracht binnen

drie maanden nadat het contact totstand is gebracht rechtstreeks of via derden

benadert, en naar aanleiding daarvan met de betreffende uitzendkracht een

arbeidsverhouding aangaat, is de opdrachtgever de vergoedingverschuldigd zoals

genoemd in de eerste volzin van dit lid.

7. Indiende opdrachtgever een arbeidsverhouding aangaat met de uitzendkracht

tijdens een opdracht die tussentijds opzegbaar is, is de opdrachtgever gerechtigd

te besluiten de krachtens opdracht overeengekomen opzegtermijn niet in acht te

nemen. In dat geval is de opdrachtgever echter gehouden de schade te vergoeden

die de uitzendonderneming hierdoor lijdt. Deze schade wordt gefixeerd op 30%

van het opdrachtgevertarief over de niet in acht genomen opzegtermijn voor de

betreffende opdracht. Daarnaast dient de opdrachtgever de in lid 6 van dit artikel

genoemde vergoeding voldoen, voor zover van toepassing.

8. Indien de opdrachtgever met de uitzendkracht een arbeidsverhouding aangaat

tijdens een opdracht die niet tussentijds opzegbaar is, is de opdrachtgever

gehouden het overeengekomen opdrachtgevertarief voor de betreffende uitzendkracht voor de resterende duur van de opdracht te voldoen. Daarnaast dient de

opdrachtgever de in lid 6 van dit artikel genoemde vergoeding te voldoen, voor

zover van toepassing.

9. Het opdrachtgevertarief, zoals meermalen vermeld in dit artikel, wordt berekend

over het per periode (week, maand, en dergelijke) krachtens opdracht en voorwaarden laatstelijk geldende of gebruikelijke aantal uren of overuren, als ware de

opdracht totstand gekomen respectievelijk niet geëindigd, met een minimum van

20 uur per week.

Het bepaalde in artikel 17 van deze Algemene Voorwaarden is eveneens van

toepassing op de in rekening gebrachte vergoedingen uit hoofde van dit artikel 5.

Artikel 6 | Opschortingsrecht

1. De opdrachtgever is niet gerechtigd de tewerkstelling van de uitzendkracht tijdelijk

geheel of gedeeltelijk op te schorten, tenzij ersprake is van overmacht in de zin van

artikel 6:75 Burgerlijk Wetboek.

2. In afwijking van lid 1 van dit artikel is opschorting wel mogelijk indien:

Ditschriftelijk wordt overeengekomen en daarbij de looptijd is vastgelegd én;

De opdrachtgever aantoont dat tijdelijk geen werk voorhanden is of de

uitzendkracht niet te werk kan worden gesteld én;

De uitzendonderneming jegens de uitzendkracht metsucces een beroep kan

doen op uitsluiting van de loondoorbetalingplicht op grond van de CAO.10

De opdrachtgever is voor de duur van de opschorting het opdrachtgevertarief niet

verschuldigd.

3. Indien de opdrachtgever niet gerechtigd is de tewerkstelling tijdelijk op te schorten,

maar de opdrachtgever tijdelijk geen werk heeft voor de uitzendkracht of de

uitzendkracht niet te werk kan stellen, is de opdrachtgever gehouden voor de duur

van de opdracht onverkort aan de uitzendonderneming het opdrachtgevertarief

te voldoen over het per periode (week, maand, en dergelijke) krachtens opdracht

laatstelijk geldende of gebruikelijke aantal uren en overuren.

Artikel 7 | Werkprocedure

1. De opdrachtgever verstrekt de uitzendonderneming voor aanvang van de opdracht

een accurate omschrijving van de functie, functie-eisen,werktijden, arbeidsduur,

werkzaamheden, arbeidsplaats, arbeidsomstandigheden en de beoogde looptijd van

de opdracht.

2. De uitzendonderneming bepaalt aan de hand van de door de opdrachtgever

verstrekte informatie en de haar bekende hoedanigheden, kennis en vaardigheden

van de voor ter beschikking in aanmerking komende uitzendkrachten, welke

uitzendkrachten zij aan de opdrachtgever voorstelt ter uitvoering van de opdracht.

De opdrachtgever is gerechtigd de voorgestelde uitzendkracht af te wijzen,

waardoor de terbeschikkingstelling van de voorgestelde uitzendkracht geen

doorgang vindt.

3. De uitzendonderneming schiet niet tekort jegens de opdrachtgever en is niet

gehouden tot vergoeding van enige schade indien de contacten tussen de

opdrachtgever en de uitzendonderneming voorafgaande aan een mogelijke

opdracht, waaronder begrepen een concrete aanvraag van de opdrachtgever om

een uitzendkracht ter beschikking te stellen, om welke reden dan ook niet of niet

binnen de door de opdrachtgever gewenste termijn, leiden tot de daadwerkelijke

terbeschikkingstelling van een uitzendkracht.

4. De uitzendonderneming is niet aansprakelijk voorschade ten gevolge van

het inzetten van arbeidskrachten die niet blijken te voldoen aan de door de

opdrachtgever gestelde eisen, tenzij de opdrachtgever binnen een redelijke termijn

na aanvang van de terbeschikkingstelling een schriftelijke klacht terzake bij de

uitzendonderneming indient en daarbij bewijst dat ersprake is van opzet of bewuste

roekeloosheid van de uitzendonderneming bij de selectie.

Artikel 8 | Arbeidsduur en werktijden

1. De arbeidsomvang en de werktijden van de uitzendkracht bij de opdrachtgever

worden vastgelegd in de opdrachtbevestiging, dan wel anders overeengekomen.11

De werktijden, de arbeidsduur en de rusttijden van de uitzendkracht zijn gelijk

aan de bij opdrachtgever terzake gebruikelijke tijden en uren, tenzij andersis

overeengekomen. De opdrachtgeverstaat er voor in, dat de arbeidsduur en de

rust- en werktijden van de uitzendkracht voldoen aan de wettelijke vereisten.

De opdrachtgever ziet er op toe dat de uitzendkracht de rechtenstoegestane

werktijden en de overeengekomen arbeidsomvang niet overschrijdt.

2. Vakantie en verlof van de uitzendkracht worden geregeld conform de wet en de

CAO.

Artikel 9 | Bedrijfssluitingen en verplichte vrije dagen

De opdrachtgever dient de uitzendonderneming bij het aangaan van de opdracht

te informeren omtrent eventuele bedrijfssluitingen en collectief verplichte vrije

dagen gedurende de looptijd van de opdracht, opdat de uitzendonderneming deze

omstandigheid, indien mogelijk, deel kan laten uitmaken van de arbeidsovereenkomst met de uitzendkracht. Indien een voornemen tot vaststelling van een

bedrijfssluiting en/of collectief verplichte vrije dagen bekend wordt na het aangaan

van de opdracht, dient de opdrachtgever de uitzendonderneming onmiddellijk

na het bekend worden hiervan te informeren. Indien de opdrachtgever nalaat

om de uitzendonderneming tijdig te informeren, is de opdrachtgever gehouden

voor de duur van de bedrijfssluiting onverkort aan de uitzendonderneming het

opdrachtgevertarief te voldoen over het krachtens de opdracht en voorwaarden

laatstelijk geldende of gebruikelijke aantal uren en overuren per periode.

Artikel 10 | Functie en beloning

1. Voor aanvang van de opdracht verstrekt de opdrachtgever de omschrijving van de

door de uitzendkracht uit te oefenen functie en de bijbehorende inschaling in de

beloningsregeling van de opdrachtgever.

2. De beloning van de uitzendkracht, daaronder mede begrepen eventuele toeslagen

en kostenvergoedingen, wordt vastgesteld conform de CAO (daaronder mede

begrepen de bepalingen omtrent de inlenersbeloning, zie hierna leden 4 en 6) en

de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, zulks aan de hand van de door de

opdrachtgever verstrekte functieomschrijving.

3. Indien op enig moment blijkt dat die functieomschrijving en de bijbehorende

inschaling niet overeenstemt met de werkelijk door de uitzendkracht uitgeoefende

functie, zal de opdrachtgever aan de uitzendonderneming onverwijld de juiste

functieomschrijving met bijbehorende inschaling aanreiken. De beloning van

de uitzendkracht zal opnieuw worden vastgesteld aan de hand van de nieuwe

functieomschrijving. De functie en/of inschaling, kan tijdens de opdracht1#

worden aangepast, indien de uitzendkracht op die aanpassing in redelijkheid

aanspraak maakt met een beroep op wet- en regelgeving, de CAO en/of de

inlenersbeloning. Indien de aanpassing leidt tot een hogere beloning, corrigeert de

uitzendonderneming de beloning van de uitzendkracht én het opdrachtgevertarief

dienovereenkomstig. De opdrachtgever is dit gecorrigeerde tarief vanaf het moment

van de uitoefening van de daadwerkelijke functie aan de uitzendonderneming

verschuldigd.

4. De uitzendonderneming is op grond van de CAO verplicht na 26 door de

uitzendkracht bij de opdrachtgever gewerkte weken de inlenersbeloning, toe

te passen.

5. De opdrachtgever zal de uitzendonderneming tijdig doch uiterlijk in de 22ste door

de uitzendkracht bij hem gewerkte week, voorzien van informatie over alle in artikel

2 lid 9 bedoelde elementen van de inlenersbeloning (wat betreft de hoogte en

tijdstip van initiële loonsverhogingen; alleen voorzover op dat moment bekend).

6. Indien de uitzendonderneming met de opdrachtgever is overeengekomen

met ingang van de eerste werkdag van de uitzendkracht de inlenersbeloning

toe te passen en/of indien sprake is van een vakkrachtenregeling, past de

uitzendonderneming de inlenersbeloning toe vanaf de eerste werkdag van de

uitzendkracht en zal de opdrachtgever voor aanvang van de werkzaamheden de

uitzendonderneming voorzien van de lid 5 van dit artikel genoemde informatie.

7. De opdrachtgeverstelt de uitzendonderneming tijdig en ieder geval direct bij

het bekend worden, op de hoogte van wijzigingen in de inlenersbeloning en van

vastgestelde initiële loonsverhogingen.

8. Overwerk, werk in ploegendiensten, op bijzondere tijden of dagen (daaronder

begrepen feestdagen) en/of verschoven uren wordt beloond conform de ter zake

geldende regeling in de CAO of – indien van toepassing - de inlenersbeloning en

wordt aan de opdrachtgever doorberekend.

Artikel 11 | Goede uitoefening van leiding en toezicht

1. De opdrachtgever zal zich ten aanzien van de uitzendkracht bij de uitoefening van

het toezicht of de leiding alsmede met betrekking tot de uitvoering van het werk

gedragen op dezelfde zorgvuldige wijze als waartoe hij ten opzichte van zijn eigen

medewerkers gehouden is.

2. Het is de opdrachtgever niet toegestaan de uitzendkracht op zijn beurt aan een

derde ‘door te lenen’; dat wil zeggen aan een derde ter beschikking te stellen voor

het onder toezicht of leiding van deze derde verrichten van werkzaamheden.

Onder doorlening wordt mede verstaan het door de opdrachtgever ter beschikking

stellen aan een (rechts)persoon waarmee de opdrachtgever in een groep (concern)

is verbonden.1#

3. De opdrachtgever kan de uitzendkrachtslechtste werk stellen in afwijking van

het bij opdracht en voorwaarden bepaalde, indien de uitzendonderneming en de

uitzendkracht daarmee voorafschriftelijk hebben ingestemd.

4. Tewerkstelling van de uitzendkracht in het buitenland door een in Nederland

gevestigde opdrachtgever isslechts mogelijk onderstrikte leiding en toezicht van de

opdrachtgever en voor bepaalde tijd, indien ditschriftelijk is overeengekomen met

de uitzendonderneming en de uitzendkracht daarmee schriftelijk heeft ingestemd.

5. De opdrachtgever zal aan de uitzendkracht de schade vergoeden die deze lijdt

doordat een aan hem toebehorende zaak, die in het kader van de opgedragen

werkzaamheden is gebruikt, is beschadigd of teniet gegaan.

6. De uitzendonderneming istegenover de opdrachtgever niet aansprakelijkheid voor

schaden en verliezen aan de opdrachtgever, derden dan wel aan de uitzendkracht

zelf die voortvloeien uit doen of nalaten van de uitzendkracht.

7. De uitzendonderneming istegenover de opdrachtgever niet aansprakelijk voor

verbintenissen die uitzendkrachten zijn aangegaan met of die voor hen zijn

ontstaan jegens opdrachtgever of derden, al dan niet met toestemming van de

opdrachtgever of die derden.

8. De opdrachtgever vrijwaart de uitzendonderneming voor elke aansprakelijkheid

(inclusief kosten met inbegrip van de daadwerkelijke kosten van rechtsbijstand)

van de uitzendonderneming als werkgever van de uitzendkracht - direct of indirect

- terzake van de in leden 5, 6 en 7 van dit artikel bedoelde schaden, verliezen en

verbintenissen.

9. De opdrachtgever zal zich, voorzover mogelijk, afdoende verzekeren tegen

aansprakelijkheid op grond van het bepaalde in dit artikel. Op verzoek van de

uitzendonderneming verstrekt de opdrachtgever een bewijs van verzekering.

Artikel 12 | Arbeidsomstandigheden

De opdrachtgever verklaart zich bekend met het feit dat hij in de Arbeidsomstandighedenwet wordt aangemerkt als werkgever.

1. De opdrachtgever isjegens de uitzendkracht en de uitzendonderneming

verantwoordelijk voor de nakoming van de uit artikel 7:658 Burgerlijk Wetboek,

de Arbeidsomstandighedenwet en de daarmee samenhangende regelgeving

voortvloeiende verplichtingen op het gebied van de veiligheid op de werkplek en

goede arbeidsomstandigheden in het algemeen.

2. De opdrachtgever is gehouden om aan de uitzendkracht en aan de uitzendonderneming tijdig, in ieder geval één werkdag voor aanvang van de werkzaamheden

schriftelijk informatie te verstrekken over de verlangde beroepskwalificaties en de

specifieke kenmerken van de in te nemen arbeidsplaats. De opdrachtgever geeft de

uitzendkracht actieve voorlichting met betrekking tot de binnen zijn onderneming1#

gehanteerde Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE).

3. Indien de uitzendkracht een bedrijfsongeval of een beroepsziekte overkomt,

zal de opdrachtgever, indien wettelijk vereist, de bevoegde instanties hiervan

onverwijld op de hoogte stellen en ervoor zorg dragen dat daarvan onverwijld een

schriftelijke rapportage wordt opgemaakt,. In de rapportage wordt de toedracht

van het ongeval zodanig vastgelegd, dat daaruit met redelijke mate van zekerheid

kan worden opgemaakt of en in hoeverre het ongeval het gevolg is van het feit

dat onvoldoende maatregelen waren genomen ter voorkoming van het ongeval

dan wel beroepsziekte. De opdrachtgever informeert de uitzendonderneming zo

spoedig mogelijk over het bedrijfsongeval of de beroepsziekte en overlegt een kopie

van de opgestelde rapportage.

4. De opdrachtgever zal aan de uitzendkracht vergoeden - en de uitzendonderneming

vrijwaren tegen - alle schade (inclusief kosten met inbegrip van de daadwerkelijke

kosten van rechtsbijstand) die de uitzendkracht in het kader van de uitoefening

van zijn werkzaamheden lijdt, indien en voor zover de opdrachtgever en/of de

uitzendonderneming daarvoor aansprakelijk is op grond van artikel 7:658 en/of

artikel 7:611 Burgerlijk Wetboek.

5. Indien het bedrijfsongeval tot de dood leidt, is de opdrachtgever gehouden schade

(inclusief kosten met inbegrip van de daadwerkelijke kosten van rechtsbijstand) te

vergoeden conform artikel 6:108 Burgerlijk Wetboek aan de in dat artikel genoemde

personen.

6. De opdrachtgever zal zich afdoende verzekeren tegen aansprakelijkheid op grond

van het bepaalde in dit artikel. Op verzoek van de uitzendonderneming verstrekt de

opdrachtgever een bewijs van verzekering.

Artikel 13 | Aansprakelijkheid opdrachtgever

1. De opdrachtgever die de verplichtingen die voor hem voortvloeien uit deze

Algemene Voorwaarden, in het bijzonder de verplichtingen als omschreven in

de artikelen 3 (leden 5, 6 en 7), 4 (lid 3), 9, 10 (leden 1, 3, 5 en 7), 11 (leden 1

t/m 5, 8 en 9), 12 (2 t/m 6), 16 (lid 2), 20 (lid 1), 22 en 23 (lid 1) niet nakomt,

is gehouden tot vergoeding van alle daaruit voortvloeiende schade van de

uitzendonderneming (inclusief alle kosten waaronder die van rechtsbijstand), zonder

dat voorafgaande ingebrekestelling nodig is, en hij dient de uitzendonderneming

zonodig terzake te vrijwaren. Dit laat onverlet, dat de uitzendonderneming

eventuele andere vorderingen kan instellen, zoals het inroepen van ontbinding.

Het bepaalde in dit artikel is van algemene gelding, zowel - zo nodig aanvullend -

ten aanzien van onderwerpen waarbij de schadevergoedingsplicht reeds afzonderlijk

in deze Algemene Voorwaarden is geregeld alsten aanzien van onderwerpen waarbij

dat niet het geval is.

Artikel 14 | Opdrachtgevertarief

1. Het door de opdrachtgever aan de uitzendonderneming verschuldigde opdrachtgevertarief wordt berekend over de uren waarop de uitzendonderneming op grond

van de opdracht en/of voorwaarden aanspraak heeft en wordt altijd tenminste

berekend over de door de uitzendkracht werkelijk gewerkte uren. Het opdrachtgevertarief wordt vermenigvuldigd met de toeslagen en vermeerderd met de

kostenvergoedingen die de uitzendonderneming verschuldigd is aan de uitzendkracht. Over het opdrachtgevertarief, de toeslagen en kostenvergoedingen wordt

BTW in rekening gebracht.

2. Indien op enig moment, overeenkomstig artikel 10 lid 4 van deze voorwaarden

de inlenersbeloning moet worden toegepast,stelt de uitzendonderneming de

beloning van de uitzendkracht en het opdrachtgevertarief opnieuw vast op basis

van de door de opdrachtgever verstrekte informatie omtrent de functie-indeling

en inlenersbeloning. . In de beloning en het opdrachtgevertarief worden alle bij de

opdrachtgever geldende elementen van de inlenersbeloning, meegenomen.

3. Naast het in lid 2 bedoelde geval is de uitzendonderneming in ieder geval ook

gerechtigd om het opdrachtgevertarief tijdens de looptijd van de opdracht aan te

passen, indien de kosten van de uitzendarbeid stijgen:

als gevolg van wijziging van de CAO of van de daarbij geregelde lonen of

wijziging van de bij de opdrachtgever geldende CAO en/of arbeidsvoorwaarde

nregeling of de daarbij geregelde lonen;

als gevolg van wijzigingen in of tengevolge van wet en- regelgeving, waaronder

begrepen wijzigingen in of tengevolge van de sociale en fiscale wet- en regelgeving, de CAO voor Uitzendkrachten of enig verbindend voorschrift;

als gevolg van een (periodieke)loonsverhoging en/of een (eenmalige) verplichte

uitkering, voortvloeiende uit de CAO, de bij de opdrachtgever geldende CAO

en/of arbeidsvoorwaardenregeling en/of wet en regelgeving.

4. Indien de opdrachtgever in strijd met de leden 2 en 3 van dit artikel niet instemt

met betaling van het aangepaste opdrachtgevertarief, dan ligt daarin besloten het

verzoek van de opdrachtgever om de terbeschikkingstelling te beëindigen.

5. Iedere aanpassing van het opdrachtgevertarief wordt door de uitzendonderneming

zo spoedig mogelijk aan de opdrachtgever bekend gemaakt en schriftelijk aan de

opdrachtgever bevestigd. Indien door enige oorzaak die toerekenbaar is aan de

opdrachtgever de beloning en/of het opdrachtgevertarief te laag is/zijn vastgesteld,

is de uitzendonderneming gerechtigd ook achteraf met terugwerkende kracht de

beloning en het opdrachtgevertarief op het juiste niveau te brengen. De uitzendonderneming kan tevens hetgeen de opdrachtgever daardoor te weinig heeft

betaald en kosten die als gevolg hiervan door de uitzendonderneming zijn gemaakt,

aan de opdrachtgever in rekening brengen.1#

Artikel 15 | Bijzondere minimale betalingsverplichtingen

Indien:

1. de uitzendkracht zich meldt op de afgesproken tijd en plaats voor het verrichten

van de uitzendarbeid, maar door de opdrachtgever niet in staat wordt gesteld de

uitzendarbeid aan te vangen, of:

2. ingevolge de opdracht de omvang van de uitzendarbeid minder dan vijftien

uren per week beloopt en de tijdstippen waarop de uitzendarbeid moet worden

verricht niet zijn vastgesteld dan wel indien de omvang van de uitzendarbeid niet

of niet eenduidig is vastgelegd, is de opdrachtgever ten minste gehouden aan de

uitzendonderneming per oproep te betalen het opdrachtgevertarief berekend over

drie gewerkte uren, onverminderd de overige verplichtingen van de opdrachtgever

jegens de uitzendonderneming.

Artikel 16 | Facturatie

1. Facturatie vindt plaats op basis van de met de opdrachtgever overeengekomen

wijze van tijdverantwoording en voorts op basis van hetgeen de opdracht, bij

overeenkomst of deze voorwaarden is bepaald. Tenzijschriftelijk anders is overeengekomen, geschiedt de tijdverantwoording middels door de opdrachtgever

schriftelijk geaccordeerde declaratieformulieren.

2. De opdrachtgever en uitzendonderneming kunnen overeenkomen dat de tijdverantwoording geschiedt middels een tijdregistratiesysteem, een elektronisch en/of

automatiseringssysteem of middels door of voor de opdrachtgever opgestelde

overzichten.

3. De opdrachtgever draagt zorg voor een correcte en volledige tijdverantwoording

en is gehouden erop toe te zien of te doen toezien, dat de daarin opgenomen

gegevens van de uitzendkracht correct en naar waarheid zijn vermeld, zoals: naam

van de uitzendkracht, het aantal gewerkte uren, overuren, onregelmatigheidsuren

en ploegenuren, de overige uren waarover ingevolge de opdracht en voorwaarden

het opdrachtgevertarief is verschuldigd, de eventuele toeslagen en eventuele

werkelijk gemaakte onkosten.

4. Indien de opdrachtgever de tijdverantwoording aanlevert zorgt hij ervoor dat de

uitzendonderneming aansluitend aan de door de uitzendkracht gewerkte week

over de tijdverantwoording beschikt. De opdrachtgever is verantwoordelijk voor

de wijze waarop de tijdverantwoording aan de uitzendonderneming wordt

verstrekt.

5. Alvorens de opdrachtgever de tijdverantwoording aanlevert geeft hij de uitzendkracht de gelegenheid de tijdverantwoording te controleren. Indien en voor zover

de uitzendkracht de in de tijdverantwoording vermelde gegevens betwist, is de

uitzendonderneming gerechtigd de uren en kosten vast te stellen overeenkomstig1#

de opgave van de uitzendkracht, tenzij de opdrachtgever kan aantonen dat de door

hem vermeldde gegevens correct zijn.

6. Indien de tijdverantwoording geschiedt middels door de uitzendkracht aan te

leveren declaratieformulieren, behoudt de opdrachtgever een kopie van het

declaratieformulier. Bij verschil tussen het door de uitzendkracht bij de uitzendonderneming ingeleverde declaratieformulier en het door de opdrachtgever

behouden afschrift, geldt het door de uitzendkracht bij de uitzendonderneming

ingeleverde declaratieformulier voor de afrekening als volledig bewijs, behoudens

geleverd tegenbewijs door de opdrachtgever.

Artikel 17 | Betaling en gevolgen wanbetaling

1. De opdrachtgever iste allen tijde gehouden elke door de uitzendonderneming

ingediende nota binnen veertien kalenderdagen na factuurdatum te voldoen. Indien

een nota niet binnen deze periode is betaald, is de opdrachtgever vanaf dan zonder

ingebrekestelling van rechtswege in verzuim en een rente van 1% per maand

verschuldigd, waarbij een deel van een maand tot een volle maand wordt gerekend.

Opschorting van betaling of verrekening is aan de opdrachtgever niet toegestaan.

2. Uitsluitend betalingen aan de uitzendonderneming of aan een door de uitzendonderneming schriftelijk aangewezen derde werken bevrijdend. Betalingen

aan uitzendkrachten of het verstrekken van voorschotten aan uitzendkrachten

zijn onverbindend en kunnen nimmer grond opleveren voorschulddelging of

schuldvergelijking.

3. De in het bezit van de uitzendonderneming zijnde doordruk of kopie van de

door de uitzendonderneming verzonden nota geldt als volledig bewijs van de

verschuldigdheid van de rente en de dag, waarop de renteberekening begint.

4. Reclames betreffende enige nota moeten binnen tien kalenderdagen na de factuurdatum schriftelijk bij de uitzendonderneming zijn ingediend, na deze periode

vervalt het reclamerecht van de opdrachtgever. De bewijslast betreffende tijdige

indiening van de reclame rust op de opdrachtgever. Indien een klacht wordt

ingediend, kan de opdrachtgever niettemin geen beroep doen op opschorting van

de betalingsverplichting of op verrekening.

5. Alle kosten van inning komen geheel voor rekening van de opdrachtgever. De

vergoeding van buitengerechtelijke kosten worden gefixeerd op 15% van de

verschuldigde hoofdsom inclusief rente met een minimum van v 226,89 per

vordering. Deze vergoeding zalsteeds, zodra rechtsbijstand door de uitzendonderneming of door de derde die tot de betaling gerechtigd is, isingeroepen

respectievelijk de vordering door de uitzendonderneming ter incasso uit handen

is gegeven, zonder enig nader bewijsin rekening worden gebracht en door de

opdrachtgever verschuldigd zijn.1#

Artikel 18 | Inspanningsverplichting en aansprakelijkheid

1. De uitzendonderneming is gehouden zich in te spannen om de opdracht naar

behoren uit te voeren. Indien en voor zover de uitzendonderneming deze

verplichting niet nakomt, is de uitzendonderneming, met inachtneming van

het hierna in de leden 3 en 4 en eldersin de Algemene Voorwaarden bepaalde,

gehouden tot vergoeding van de daaruit voortvloeiende directe schade van de

opdrachtgever, mits de opdrachtgever zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk drie

maanden na het ontstaan of bekend worden van die schade een schriftelijke klacht

terzake indient bij de uitzendonderneming en daarbij aantoont dat de schade het

rechtstreekse gevolg is van een toerekenbare tekortkoming aan de zijde van de

uitzendonderneming.

2. Iedere eventuele uit de opdracht voortvloeiende aansprakelijkheid van de uitzendonderneming is beperkt tot het door de uitzendonderneming aan de opdrachtgever in rekening te brengen opdrachtgevertarief voor de uitvoering van de

opdracht, zulks voor het overeengekomen aantal arbeidsuren en de overeengekomen duur van de opdracht tot een maximum van drie maanden. Het door de

uitzendonderneming maximaal uit te keren bedrag gaat in geen geval het door

haar verzekering uit te keren bedrag te boven.

3. Aansprakelijkheid van de uitzendonderneming voor indirecte schade, daaronder

begrepen gevolgschade, gederfde winst, gemiste besparingen en schade door

bedrijfsstagnatie, isin alle gevallen uitgesloten.

Artikel 19 | Intellectuele en industriële eigendom

1. De uitzendonderneming zal de uitzendkracht op verzoek van de opdrachtgever, een

schriftelijke verklaring laten ondertekenen teneinde – voorzover nodig en mogelijk

te bewerkstelligen c.q. bevorderen, dat alle rechten van intellectuele en industriële

eigendom op de resultaten van de werkzaamheden van de uitzendkracht toekomen,

respectievelijk (zullen) worden overgedragen aan de opdrachtgever. Indien de

uitzendonderneming in verband hiermee een vergoeding verschuldigd is aan de

uitzendkracht of anderszins kosten dient te maken, is de opdrachtgever een gelijke

vergoeding c.q. gelijke kosten verschuldigd aan de uitzendonderneming.

2. Hetstaat de opdrachtgever vrij om rechtstreeks een overeenkomst met de

uitzendkracht aan te gaan of hem een verklaring ter ondertekening voor te leggen

terzake van de in lid 1 bedoelde intellectuele en industriële eigendomsrechten.

De opdrachtgever informeert de uitzendonderneming over zijn voornemen daartoe

en verstrekt een afschrift van de terzake opgemaakte overeenkomst/verklaring aan

de uitzendonderneming.

3. De uitzendonderneming isjegens de opdrachtgever niet aansprakelijk voor een

boete of dwangsom, die de uitzendkracht verbeurt of eventuele schade van de1#

opdrachtgever als gevolg van het feit dat de uitzendkracht zich beroept op enig

recht van intellectuele en/of industriële eigendom.

Artikel 20 | Geheimhouding

1. De uitzendonderneming en de opdrachtgever zullen geen vertrouwelijke informatie

van of over de andere partij, diens activiteiten en relaties, die hen ter kennisis

gekomen ingevolge de opdracht, verstrekken aan derden, tenzij – en alsdan

voorzover – verstrekking van die informatie nodig is om de opdracht naar behoren

te kunnen uitvoeren of op hen een wettelijke plicht tot bekendmaking rust.

2. De uitzendonderneming zal op verzoek van de opdrachtgever de uitzendkracht

verplichten geheimhouding te betrachten omtrent al hetgeen hem bij het verrichten

van de werkzaamheden bekend of gewaar wordt, tenzij op de uitzendkracht een

wettelijke plicht tot bekendmaking rust.

3. Hetstaat de opdrachtgever vrij om de uitzendkracht rechtstreekste verplichten tot

geheimhouding. De opdrachtgever informeert de uitzendonderneming over zijn

voornemen daartoe en verstrekt een afschrift van de terzake opgemaakte verklaring/

overeenkomst aan de uitzendonderneming. De uitzendonderneming is niet

aansprakelijk voor een boete, dwangsom of eventuele schade van de opdrachtgever

als gevolg van schending van die geheimhoudingsplicht door de uitzendkracht.

Artikel 21 | Verificatie- en bewaarplicht opdrachtgever

1. De opdrachtgever aan wie door de uitzendonderneming een vreemdeling in de

zin van de Wet arbeid vreemdelingen ter beschikking wordt gesteld, verklaart zich

uitdrukkelijk bekend met artikel 15 van deze wet, onder meer inhoudende dat de

opdrachtgever bij de aanvang van de arbeid door een vreemdeling een afschrift

van het document, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht,

van de vreemdeling dient te ontvangen. De opdrachtgever is verantwoordelijk

voor een zorgvuldige controle van het eerder genoemde document en stelt aan de

hand daarvan de identiteit van de vreemdeling vast en neemt een afschrift van het

document op in zijn administratie. De uitzendonderneming is niet verantwoordelijk

dan wel aansprakelijk voor een eventuele boete die in het kader van de Wet arbeid

vreemdelingen aan de opdrachtgever wordt opgelegd.

Artikel 22 | Voorkoming van ontoelaatbare discriminatie

1. Ter voorkoming van het maken van ongeoorloofd onderscheid, in het bijzonder

naar godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, geslacht, ras, nationaliteit,

hetero- of homoseksuele gerichtheid, burgerlijke staat, handicap, chronische ziekte,#0

leeftijd of welke grond dan ook, zullen niet-functierelevante eisen bij het verstrekken

van de inlichtingen betreffende de op te dragen arbeid niet door de opdrachtgever

kunnen worden gesteld en evenmin door de uitzendonderneming worden

meegewogen.

Artikel 23 | Medezeggenschap

1. De opdrachtgever is gehouden om de uitzendkracht die lid is van de ondernemingsraad van de uitzendonderneming of van de ondernemingsraad van de opdrachtgever, in de gelegenheid te stellen deze medezeggenschapsrechten uit te oefenen

conform wet- en regelgeving.

2. Indien de uitzendkracht medezeggenschap uitoefent in de onderneming van de

opdrachtgever, is de opdrachtgever het opdrachtgeverstarief ook verschuldigd over

de uren waarin de uitzendkracht onder werktijd werkzaamheden verricht of een

opleiding volgt in verband van het uitoefenen van medezeggenschap.

Artikel 24 | Geschillen

Alle geschillen die voortvloeien uit ofsamenhangen met een rechtsverhouding

tussen partijen waarop deze Algemene Voorwaarden van toepassing zijn, zullen in

eerste aanleg bij uitsluiting worden beslecht door de bevoegde rechter van het

arrondissement, waarin het hoofdkantoor van de uitzendonderneming is gevestigd.

Artikel 25| Slotbepaling

Indien één of meer bepalingen van deze Algemene Voorwaarden nietig zijn of

vernietigd worden, zullen de opdracht en de Algemene Voorwaarden voor het

overige van kracht blijven. De bepalingen die niet rechtsgeldig zijn of rechtens niet

kunnen worden toegepast, zullen worden vervangen door bepalingen die zoveel

 

mogelijk aansluiten bij de strekking van de te vervangen bepalingen.